SintAlenatorenDilbeek-1

Sint-Alenatoren wordt gerestaureerd

Gepost op 07/10/2017
Door: Goeiedag Pajottenland

De gemeente Dilbeek heeft lang op subsidies moeten wachten, maar nu kan de historische Sint-Alenatoren eindelijk gerestaureerd worden.

 

De Sint-Alenatoren staat al eeuwenlang op het eilandje in het midden van de kasteelvijver achter het gemeentehuis. In 2010 keurde de gemeenteraad het dossier voor de restauratiewerken al goed. Die zouden gecoördineerd worden door architectenbureau Ark_a. Maar toch duurde het tot nu eer de restauratie effectief kon beginnen.

“Zoals vaak bij beschermde monumenten was het jaren wachten op goed nieuws vanuit de subsidiërende Vlaamse Overheid om de werken effectief te kunnen starten”, zegt schepen van gebouwen Jef Vanderoost (CD&V). “Begin dit jaar kwam het verlossende nieuws. Op 9 oktober starten de werken. Deze week gebeurden er al een aantal voorbereidende werkzaamheden.”

De Sint-Alenatoren is de enige van vijf torens van de oorspronkelijke waterburcht uit de veertiende eeuw in het park van Dilbeek. De toren dankt haar naam aan de legende van de heilige Alena. In 1514 zou in deze burcht ook de jonge hertog Karel, later Keizer Karel, en zijn tante Margareta van Oostenrijk ontvangen zijn. Volgens een sage kregen ze er konijnenvlees voorgeschoteld in plaats van kalfsgebraad, waardoor de Dilbekenaren vandaag nog de bijnaam “konijnenfretters” dragen.

In 1862 werd de burcht afgebroken, alleen de noordelijke toren bleef onaangeroerd. De Sint-Alenatoren werd in 1946 beschermd als monument. In de jaren ’70 werd het gebouw een laatste keer gerestaureerd, maar intussen kan het gebouw opnieuw een fikse opknapbeurt gebruiken.

De restauratiekost bedraagt zo’n 340.000 euro waarvan ongeveer de helft gesubsidieerd wordt vanuit Vlaanderen. Met deze restauratie wordt verder gewerkt aan het in stand en bruikbaar maken van het historische erfgoed in het hart van de gemeente. De gemeente wacht nu nog op subsidies voor de restauratie van de laatste vleugel van de kasteelhoeve en het koetshuis.

Dieter Hautman